Pieter Leentvaar (1918 - 2007)
(Rotterdam 8 mrt. 1918 - Bilthoven 22 okt. 2007), hydrobioloog. Werkte, na voltooiing van zijn studie biologie aan de Universiteit van Utrecht, bij de Amsterdamsche Waterleiding Maatschappij in Loenen aan de Vecht. Trad in 1957 in dienst van het toen pas opgerichte RIVON in Bilthoven als hoofd van de afdeling Hydrobiologie. Verrichtte ecologisch onderzoek aan het Brokopondomeer in Suriname en andere stuwmeren. Schreef in de periode 1957-1998 vele artikelen, rapporten en boeken waaronder: The biological aspects of watr management and nature conservation (1968), De Zuidelijke Vechtplassen; flora en fauna (1969) en Onderwater in Nederland (1988). Verder vertaalde hij het artikel over natuurbehoud in Lake Tahoe (1966)
(Eindhoven 13 mrt. 1877 - Middelburg 9 mrt. 1944), ingenieur. Hij was, na zijn studie aan de PS te Delft, sinds 1904 werkzaam bij RWS in Sas van Gent en vanaf 1908 bij PW van Zeeland in Terneuzen en Goes, laatstelijk als hoofdingenieur. Overleed aan de gevolgen van een auto-ongeluk tijdens een dienstreis. Schreef o.m. De Zeeuwsche zeedijken (1930) en Enige opmerkingen over de Zeeuwsche zeeweringen (1938)
Piet van der Leijé (1928 - 2007)
(Vlissingen 15 mrt. 1928 - Vlissingen 20 juli 2007), waterbouwkundige. Werkte, na zijn opleiding aan het Zeeuwsch Technisch Instituut in Goes, van 1948 tot zijn pensionering bij de directie Zeeland van RWS, eerst bij de Adviesdienst, sinds 1950 bij het arrondissement Vlissingen. Schreef van 1972 tot 1996 een aantal artikelen in onder meer Zeeuws Tijdschrift en OTAR waaronder: Verbetering veerverbinding Kruiningen-Perkpolder (1972), De Braakmanhaven (1977) en Verbetering Kanaal Terneuzen-Gent (1987)
Quinten Marinus van de Linde (1887 - 1963)
(Wemeldinge 25 juli 1887 - Den Bosch 26 nov. 1963), waterbouwkundige. Na een verblijf van enkele jaren in NOI, kwam hij in dienst van RWS, eerst in Velsen, van 1928 tot 1939 in Roermond, daarna in Den Bosch als technisch hoofdambtenaar. Schreef in de periode van 1938 tot 1957 een aantal tijdschriftartikelen waaronder: Evenwichtsverstoringen langs de Zeeuwschestroomen (1938), De voormalige waterstaatkundige toestand van de landen langs de Maas in Noord-Brabant (1950), Het kanaal Antwerpen-Moerdijk (1955) en De opkomst van het polderland van westelijk Noord-Brabant (1957). .
| (Vlaardingen 22 mrt. 1875 - Oegstgeest 2 sep. 1965), ingenieur. Hij was, na zijn studie aan de PS te Delft, werkzaam bij de waterstaat in Overijssel. Sinds 1907 in dienst van de PWS van Overijssel, van 1912 tot 1935 als hoofdingenieur. Hij schreef o.m. De ontwateringswerken in Overijssel(1933) en Grepen uit de in deze eeuw op landbouwkundig gebied tot stand gebrachte waterstaatswerken in Overijssel (1939). In "De Ingenieur"ubliceerde hij het artikel De tertiaire weg (1935). |
(Beetsterzwaag 13 juli 1915 - Schagerbrug 5 feb. 2012), voorlichter. Heeft van 1932 tot 1939 in verschillende functies gewerkt bij de gemeenten Opsterland en Heerde en bij een architectenbureau in Heerenveen. Sindsdien was hij in dienst van RWS, eerst als opzichter bij het arrondissement Friesland en van 1945 tot 1957 bij de directie Benedenrivieren in Den Haag als chef tekenkamer. Van 1957-1974 was hij werkzaam als voorlichter bij de afdeling Documentatie en Informatie van de Deltadienst in Den Haag, de laatste jaren als opvolger van W. Metzelaar. Publiceerde in het tijdschrift Land en Water, schreef Perspectief der Deltawerken (1966) en Van terp tot Gouden Delta (1970), maar kreeg vooral bekendheid door zijn Gids voor de Deltawerken (1962) die in verschillende talen verscheen, meerdere herdrukken beleefde en waarnaar nog regelmatig wordt verwezen.
Gerard Christiaan Lodder (1891 - 1979)
(Rhenen 25 nov. 1891 - Wageningen 6 sep. 1979), waterbouwkundige. Was, gedurende een groot deel van zijn loopbaan bij RWS, betrokken bij de aanleg van de Twentekanalen, de laatste jaren als technisch hoofdambtenaar en redacteur bij OTAR.. Hij schreef: De afvoermetingen van de Beersche Maas (1919), Overzicht der Duitsche binenvaartwegen (1922), Sluis bij Crèvecoeur (1924) De Twente-kanalen (1925, ook 1935 en 1966), De omstreden grenslijn in de Eemsmond (1956), Rijn en Maas; uitgevoerde werken sinds 1870 (1970) en De geschiedenis van het net van scheepvaartkanalen in Nederland (1977).
Jan Loeff (1895 - 1981)
(Epe 9 mei 1895 - Veere 7 juli 1981), scheepsbouwkundig ingenieur. Ontwikkelde zich, na in 1925 te zijn afgestudeerd aan de TH in Delft, tot een internationaal-erkend deskundige op het gebied van de watersport. Was redacteur van de Waterkampioen en raadgevend directeur van het Koninklijk Nederlands Watersportverbond. Zette zich in voor het behoud van het waterlandschap, was voorstander van een open Oosterschelde en was in 1967 mede-oprichter en voorzitter van de Studiegroep Oosterschelde. Schreef o.m. De Vechtplassen, ook gezien in West-Nederlandsch verband (1939) en een bijdrage in Ooster Schelde Open (1974).
Jan Alouisius Lambertus Maria Loeff (1898 - 1987)
(Den Bosch 27 jan. 1898 – Eindhoven 28 april 1987), jurist. Studeerde rechten aan de Rijksuniversiteit in Leiden en was zelfstandig advocaat en procureur in Rotterdam. Na de Tweede Wereldoorlog was hij voorzitter van de Commissie voor de Perszuivering. Voorts was hij Deken van de Orde van Advocaten (1960-1966), curator van de Rijksuniversiteit in Leiden en lid van diverse commissies waaronder het Comité Maritime International te Antwerpen. Van de door hem geschreven publicaties noemen we: Het Nederlands-Belgische waterwegenvraagstuk; een economische studie (1952).
Illustratie: De katholieke encyclopaedie, 1933-1939; via Wikimedia Commons
Frederik Bernard Löhnis, (1851 - 1927)
Rotterdam 24 jan. 1851 - Baden-Baden 7 aug. 1927), ingenieur, landbouwkundige. Studeerde aan de Polytechnische School te Delft en aan het Landwirtschaftliche Institut te Halle. Werd als 25-jarige benoemd tot directeur van de Mij. van Weldadigheid te Frederiksoord. Was inspecteur van de landbouw, sinds 1906 curator van het KNMI, mede-oprichter, bestuurs- en redactielid van de Ned. Heidemij. Had een belangrijk aandeel in de plannen tot droogmaking van de Zuiderzee. Schreef o.m. De Zuiderzeepolders (1918) en Een belangrijk cultuurtechnisch werk: partiële bemaling van het waterschap Vollenhove (1921).
Adriaan Loosjes (1883-1949)
(Blokzijl 5 juni 1883 - Deventer 7 mrt. 1949), cultuurhistoricus. Hij studeerde rechten en promoveerde in 1911 te Leiden. Hij voerde van 1912 tot 1928 de redactie van het weekblad Buiten waarin hij o.m. schreef: Het Hoogheemraadschap van Zeeburg en Diemerdijk (1916). Was sinds 1920 secretaris van de Ver. ter Bevordering van de Belangen des Boekhandels. Schreef en redigeerde vele artikelen en verzorgde de tekst voor de zeer fraaie boekenserie Nederland in Beeld (19 dln., 1925-1936).
Stephanus Louwe Louwes (1889 - 195339)
(Ulrum 29 mrt. 1889 - Den Haag 26 januari 1953), ingenieur, bestuurder. Hij was, na in 1912 te zijn afgestudeerd aan de LHS te Wageningen, van 1913 tot 1917 directeur van de Rijkslandbouw Winterschool in Meppel en Rijkslandbouwconsulent voor Overijssel, daarna te Hengelo. Van 1919 tot 1936 was hij secretaris-penningmeester van de Overijsselsche Landbouw Maatschappij. Ook bekleedde hij enkele bestuurlijke functies op het gebied van landbouw en voedselvoorziening. In 1947 ontving hij een eredoctoraat van de LHS te Wageningen. Van zijn publicaties noemen we: De afwatering in Overijssel (1926).
David Izaäk Luteijn (1915 - 1961)
Cadzand 24 juni 1915 - Heerenveen 20 dec. 1961), landbouwkundig ingenieur. Hij wWas, na in 1939 te zijn afgestudeerd aan de LHS in Wageningen, van 1945 tot aan zijn dood directeur van de N.V. Ontginningsmij. Land van Vollenhove te Steenwijk. Schreef daarover enige rapporten en artikelen w.o.De inpoldering en ontginning van de uitgeveende gronden in het Waterschap Vollenhove (1942) en De veenontginning in het Land van Vollenhove (1954). Was als lid van PS en GS van Overijssel bij uitstek deskundig op het gebied van de planologie.
Johann Ludwig Lutjeharms (1910 - 2001)
(Alkmaar 18 jan. 1910 - Hardenberg 31aug. 2001), technisch ambtenaar, archeoloog (autodidact). Werkte sinds 1933 als opzichter bij het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Onderzocht diverse oudheidkundige zaken in zijn werkgebied en publiceerde daarover als bestuurslid van het West-Fries Genootschap. Werkte sinds 1952 als hoofd technische dienst bij het Waterschap Hasselt en Zwartsluis en sinds 1971 bij het Waterschap De Bovenvecht. Van zijn publicaties uit de periode van 1948-1988 noemen we: Geschiedenis van de waterschappen in Noord-Oost Overijssel, thans behorende tot het waterschap De Bovenvecht (1971)
Vult u onderstaande gegevens in om u in te schrijven voor onze nieuwsbrief.
Secretariaat
Stichting Blauwe Lijn
p.a. Nieuweweg 1
3251 AS Stellendam
info@stichtingblauwelijn.nl
www.stichtingblauwelijn.nl
© POWERED BY STUDIO SANDRA VOS