Simon Abbes Gabbema (1628 - 1688)
(Leeuwarden okt. 1628 - Leeuwarden 1688), historicus. Studeerde te Leiden en Utrecht. Verzorgde als historieschrijver van Friesland de provinciale archieven en verzamelde vele historische documenten. Tobias Gutberleth, bibliothecaris der hogeschool te Franeker, gaf postuum enige van zijn werken uit w.o. Nederlandsche Watervloeden, of nauwkeurige beschrijvingen van alle watervloeden voorgevallen ... naburige landen (1703).
Illustratiebron: Wikimedia Commons: Buste in ovaal, naar rechts. Vervaardigd naar een onbekend voorbeeld door Arnoud van Halen Onderdeel van een verzameling portretten van Nederlandse dichters. Olieverf op blik. Rijksmuseum
Peter Helbert Gallé (1873 - 1934)
Kampen 18 juni 1873 - Hilversum 9 mei 1934), marineofficier, meteoroloog. Trad, na zijn opleiding als marineofficier, in dienst van het KNMI. Was van 1906 tot 1919 adjunct-directeur van het KNMI en van 1919 tot aan zijn dood directeur van de Filiaalinrichting te Amsterdam. Werd in 1918 benoemd tot lid, later als secretaris van de Staatscommissie Zuiderzee. Heeft veel bijgedragen aan de ontwikkeling van de weerdienst en de stormwaarschuwingsdienst en heeft veel gepubliceerd over cyclonen en klimatologie ten dienste van de zeevaart. Ontving hiervoor in 1932 uit handen van Prins Hendrik de grote gouden De Ruytermedaille. Van zijn publicaties vermelden we: Stormvloeden langs de Noordzee en de Zuiderzeekusten (1917).
Pieter Hendrik Gallé (1915 - 2001)
(Bussum 1 dec. 1915 - Delft 12 okt. 2001), waterstaatsjurist. Studeerde rechten in Leiden en promoveerde aldaar in 1963 op Beveiligd bestaan; grondtrekken van het middeleeuwse waterstaatsrecht in zuidwest Nederland en hoofdlijnen van de geschiedenis van het dijkbeheer in dit gebied (1200-1963). Was vele jaren werkzaam als vakreferent bij de bibliotheek van de Technische Hogeschool in Delft. Schreef artikelen in Zeeuwse periodieken en enkele boeken over waterschappen.
Jacobus Geesink (1876 - 1968)
(Zwolle 1 feb. 1876 - Zwolle 28 mei 1968), archivaris. Begon als smid en bruggenbouwer bij een ijzergieterij; werd assistent van de Rijksarchivaris in Overijssel en daarna gemeentearchivaris van Zwolle. Zette zich in voor de Vereeniging tot beoefening van Overijsselsch Regt en Geschiedenis en het latere Provinciaal Overijssels Museum. Schreef enkele historisch-geografische artikelen w.o. 'De Voorst bij Vollenhove' (1910), 'Bijdrage tot de geschiedenis van de Arembergergracht' (1915) en 'De inundatie van Zwolle' (1946)
Herman Arend Enno van Gelder (1889 - 1973)
(Gouda 7 okt. 1889 - Den Haag 11 mei 1973), historicus, leraar. Studeerde letteren aan de UvA en promoveerde in 1918 op een biografie van P.C.Hooft (De levensbeschouwing van Cornelis Pieterszoon Hooft). Was leraar te Sneek, Rotterdam, Breda en Den Haag. Doceerde van 1939 tot 1960 aan de Haagse School voor Taal- en Letterkunde. Schreef een aantal historisch- geografische werken w.o. Nederlandse dorpen in de 16e eeuw (1954) en De bedijking van de Heerhugowaard 1624-1631 (1966), encyclopedische werken en biografieën w.o. Prof.dr.Johan Huizinga (1947)
Frederik Jan Bernardus Gerhard Geers (1896 - 1921)
(Borculo 7 juni 1896 - Den Haag 16 jan. 1987), ingenieur. Was, na in 1921 te zijn afgestudeerd aan de TH in Delft, werkzaam bij de Dienst der ZWW. Volgde in 1956 J.F.R.van de Wall op als HID, in 1961 opgevolgd door F.L.van der Bom. Schreef een hoofdstuk in De Technische Vraagbaak deel W: Rijswerk (1951). Verder o.m. De Noord-Oost-Polder der Zuiderzeewerken (1943), Het herstel van den Wieringermeerdijk (1945), De dijken van Oostelijk Flevoland (1954) en De Zuiderzeewerken in hun ontwikkeling (1961).
Jo Geus (1876 - 1939)
(Koedijk 19 oktober 1919 - Capelle aan den IJssel 7 april 2001), belastingambtenaar en schrijver van geschidenissen van Koedijk. Hij beschreef het dorpsleven in Uit de historie van Koedijk en Huiswaard (1990) en schref talloze baijderagen in het blad van de historiesche vereninging "De Gouden Engel". Ook schreef hij onder andere Costverloren, een droogmakerij in het Geestmerambacht (1984).
Illustratiebron: Stichting Langedijker Verleden
(roepnaam: Toon; Enschede 12 aug. 1932 - Wassenaar 1 sep. 2011), ingenieur, hoogleraar. Werkte, na in 1956 als civiel ingenieur te zijn afgestudeerd aan de TH in Delft, bij de directie Sluizen en Stuwen van RWS in Utrecht, waar hij in 1977 H.C. Wentink opvolgde als hoofd van de afdeling tunnelbouw. Was van 1980-1993 hoogleraar constructieve waterbouwkunde aan de TU in Delft, als opvolger van P.A. van de Velde. Hij gold als een expert in tunnelbouw, met name van tunnels geboord volgens de schildmethode. Publiceerde in de periode 1962-2000 onder meer: De spuisluis in het Haringvliet (1962), Wereldhaven van morgen: de bouw van de nieuwe havenmond bij Hoek van Holland (met J. van Dixhoorn;1967), Canals and locks in the Netherlands (1983) en Kennis, kunde, kunstwerken (inaugurele rede; 1981). Verder schreef hij collegedicaten over waterbouwkundige kunstwerken (1984) en over tunnels oder water (1982)
Illustratiebron: prof Glerum als voorzitter tijdens de Betondag 1990 (BVnieuws, 2011)
Doenardus Jacobus Glimmerveen (1806 - 1875)
(Zierikzee 10 mei 1806 - Nieuwer-Amstel 16 feb. 1875), landmeter bij het kadaster. Tekende circa 1845 een kaart van het rivierengebied met de dijkdoorbraken sinds de 15e eeuw. Kreeg bekendheid door Geschiedkundig verslag van de meest bekende, buitengewoon hooge watervloeden, doorbraken en overstroomingen welke Noord- en Zuid Nederland van de vroegste tijden tot heden hebben geteisterd (1856).
(roepnaam: Rob; Sleen 30 nov. 1928 - Kampen 15 dec. 2010), bodemkundige. Studeerde cultuurtechniek aan de LHS in Wageningen waar hij in 1956 afstudeerde als landbouwkundig ingenieur. Werkte tot 1963 bij de Directie Landaanwinning van RWS in Baflo en tot 1989 bij de Landbouwkundige hoofdafdeling van de RIJP in Kampen. Van zijn publicaties noemen we: Grasmat op dijken (1957) en Landaanwinning in het Waddengebied (1964).
George Frederik Gustaaf Gobius (1858 - 1941)
(Nieuwediep 30 jan. 1858 - Amsterdam 9 apr. 1941), marine-officier. Na in 1877 te zijn afgestudeerd aan het KIM, was hij bijna 35 jaar in dienst van de marine. Was inspecteur van het rijksloodswezen, de zeebetonning en de kustverlichting. Schreef over de marine, het reddingswezen en Het meer Flevo en de Waddeneilanden in vroeger eeuwen en thans(1939).
Tom Goemans (1942 - 2002) |
(Rotterdam 8 jan. 1942 - Amersfoort 21 aug. 2002), ingenieur, hoogleraar. Was, na in 1964 te zijn afgestudeerd als werktuigbouwkundig ingenieur aan de TH in Delft, aldaar werkzaam als wetenschappelijk medewerker en promoveerde er in 1972. Werkte enige jaren bij RWS als hoofd van de afdeling Bedrijfsbeheer van de Deltadienst. Als buitengewoon hoogleraar beleidsanalyse was hij verbonden aan de TU in Delft en van 1981-1988 was hij directeur van SIBAS (Samenwerkende Instellingen t.b.v. Beleidsanalytische Studies) te Delft. Van zijn publicaties over de periode van 1969-1995 noemen we : Analyse Oosterschelde alternatieven (de zogenoemde Witte Nota; met anderen; 1976) en The Delta project; The Netherlands experiencewith a megaproject for flood protection (met Tj. Visser; 1987).
Gerard Pieter Gonggrijp (1943 - 2002)
(Sint Annaparochie 17 nov. 1943 - Delden 13 mrt. 2002), fysisch geograaf. Werkte, na in 1972 te zijn afgestudeerd aan de UvA, bij het Rijksinstituut voor Natuurbeheer in Leersum. Kenner van de aardwetenschappelijke betekenis van karakteristieke landschapselementen. Publiceerde van 1974 tot 1996 artikelen en boeken zoals: Ontdek Noordwest-Overijssel (met V. Langenhoff en W.G.F. Schroevers; 1981) en Nederland in vorm; aardkundige waarden van het Nederlandse landschap (1989).
Cornelis Jacobus Gonnet (1842 - 1926)
(Haarlem 4 juli 1842 - Haarlem 7 feb. 1926), archivaris. Sinds 1857 in dienst van de gemeente Haarlem, eerst als klerk, later als archivaris. Van 1886 tot 1921 rijksarchivaris in Noord-Holland. Publiceerde diverse archiefinventarissen en historisch-geografische literatuur over Haarlem en wijde omgeving zoals: De kaart van het Hoogheemraadschap der Uitwaterende Sluizen in Kennemerland en West-Friesland (1920).
Cornelis Nannes Gorter (1872 - 1934)
(zichzelf noemende: C.Nannes Gorter; bijnaam: den Dikke; Zwartsluis 14 dec. 1872 - Apeldoorn 10 apr. 1934), journalist. Werkte als journalist te Amsterdam en was van 1910 tot 1929 werkzaam als redacteur van de Berger Badbode te Alkmaar. Maakte propaganda voor Bergen aan Zee als badplaats. Verbleef sinds 1929 te Arnhem, Frankrijk en Apeldoorn. Was de samensteller van het gedenkboek Het Groot Noordhollandsch Kanaal 1824-1924 (1924).
Cornelis Adrianus Alosysius de Graaff (1900 - 1978)
(Rotterdam 23 mei 1900 - Rotterdam 23 okt. 1978), technisch hoofdambtenaar. Was, met onderbreking, sinds 1918 in dienst van GW Rotterdam, sinds 1939 als chef van het tekeningenarchief. Ontwikkelde zich tot kenner van de oude stad. Was lid van de Coördinatiecommissie inzake archeologisch onderzoek in Rotterdam en omgeving en van de historische genootschappen De Maze en Roterodamum. Schreef in de periode 1953-1972 in het Rotterdams Jaarboekje onder meer: Rose`s waterproject (1954, blz177) en Delfshavens sluizen in en na de stormvloeden van 1775 en 1776 (1972, blz 263).
Gerardus Bastiaan Remond de Graaff (1891 - 1969)
(Den Haag 8 mei 1891 - Den Haag 4 feb. 1969), ingenieur. Was, na in 1918 te zijn afgestudeerd aan de TH in Delft, werkzaam bij RWS, sinds 1955 als hoofdingenieur bij de Hoofddirectie van de Waterstaat in Den Haag. Was van 1956 tot 1962 erevoorzitter van de Vereniging "Eendracht maakt Macht". Schreef o.m. Enige vraagstukken op het gebied van de waterhuishouding in Nederland (1948) en was daarmee de eerste in ons land die het begrip 'waterhuishouding' een duidelijker en ruimer inhoud gaf.
Klaas Graftdijk (1916 - 1997)
(Koog-Zaandijk 10 mei 1916 - Beverwijk 10 juni 1997), journalist, schrijver. Bezocht in Alkmaar de HBS en kweekschool, werkte daarna tot 1973 voor Het Vrije Volk, eerst als journalist in Rotterdam, na de oorlog als verslaggever te Amsterdam. Was daarna tot 1979 hoofd van de afdeling public relations van het NVV. Schreef o.m. Het land van de zeearend(1948), over de toen pas drooggevallen Noordoostpolder. Voorts enkele boeken over ontwikkelingen in de Nederlandse waterbouw w.o. Paspoort voor de Delta (1959), Holland rides the sea (1960), Delta; stromenland in beweging (1967) en het jubileumwerk van baggerbedrijf Adriaan Volker:Ik drink de aarde (1968).
Gerrit Mattheus Greup (1896 - 1968)
(Schoonhoven 26 jan. 1896 - Amsterdam 8 juni 1968), jurist. Studeerde rechten en promoveerde in 1923 aan de RU van Utrecht. Werkte sinds 1924 bij de KvK te Amsterdam en sinds 1942 als algemeen secretaris van de KvK voor Noord-Holland. Schreef diverse artikelen over handelsrecht en de boeken Driekwart eeuw Noordzeekanaal (1951) en De Rijnverbinding van Amsterdam en haar geschiedenis (1952).
Cornelis Grilk (1876 - 1939)
(pseudoniem: C. Goudriaan; Nijmegen 14 oktober 1885 - Leeuwarden 8 september 1961), onderwijzer, schrijver. Begon zijn loopbaan als onderwijzer in Noord Scharwoude en vervolgde deze van 1907 tot 1943 in Leeuwarden. Schreef in de periode van 1926 tot 1959 een twintigtal jongensboeken en muziek en artikelen over taal en cultuur van Schiermonnikoog. Ook schreef hij Op en om den Afsluitdijk (1934).
Illustratiebron: Wikimedia Commons: Ljouwerter Krante 08-10-1955
Aart Grimme (1911 - 1984)
| (Ouder-Amstel 8 nov. 1911 - Warnsveld 22 sep. 1984), onderwijzer, romanschrijver. Was als onderwijzer verbonden aan een lagere school in Duivendrecht, van 1939 tot 1953 als hoofd. Schreef in de periode van 1939 tot 1975 een aantal jeugdboeken, sommige met historische of biografische inslag. Hij debuteerde met: De Waterwolf verliest (1939) over het leven in De Rijp ten tijde van Jan Adriaensz. Leeghwater. |
Pier Groen (1912 - 1995)
(Sneek 6 dec. 1912 - Niersen gem. Epe 11 mei 1995), oceanograaf, hoogleraar. Studeerde wis- en natuurkunde aan de VU van Amsterdam en in Leiden en promoveerde in 1942 in de natuurkunde aan de VU van Amsterdam. Was sinds 1941 wetenschappelijk medewerker van het KNMI in De Bilt en sinds 1952 hoogleraar in de meteorologie en geofysische wetenschappen aan de VU van Amsterdam. Schreef o.m
(Heerewaarden 7 aug. 1857 - Hurwenen 28 aug. 1930), ingenieur. Was, na in 1880 te zijn afgestudeerd aan de PS in Delft, tot 1881 werkzaam voor RWS bij de normalisering van de Waal en tot 1892 bij de aanleg van het Merwedekanaal te Gorinchem. Daarna was hij van 1892-1918 werkzaam als hoofdingenieur bij het Hoogheemraadschap van Delfland. Schreef onder meer: De zeeweringen en duinen van het Hoogheemraadschap van Delfland (1897).
Henri Gerard van Grol (1878 - 1963)
(Renkum 8 okt. 1878 - Vriezenveen 26 sep. 1963), leraar, archivaris. Was van 1910 tot 1943 leraar geschiedenis bij het MO in Vlissingen. Sinds 1911 tevens gemeente-archivaris en sinds 1923 conservator van het Stedelijk museum te Vlissingen. Schreef vele bijdragen tot de geschiedenis van Vlissingen w.o. De geschiedenis der oude havens van Vlissingen (1931).
Albertus Theodorus de Groot (1870 - 1928)
(Beverwijk 16 nov. 1870 - Arnhem 7 feb. 1928), ingenieur. Was, na in 1894 te zijn afgestudeerd aan de PS te Delft, werkzaam bij RWS in Den Haag, Terneuzen en Brielle. Van 1905 tot 1912 was hij vanuit Alkmaar belast met het onderhoud van de Noord-Hollandse kust. Had daarna, met standplaats Rotterdam, de leiding over de werken aan de Rotterdamse Waterweg en in Hoek van Holland. Trad in 1922 op als adviseur voor het Suezkanaal en in 1924 voor het Kanaal van Korinthe. Was sinds 1925 HID van RWS in Groningen en Overijssel. Schreef als vaarwegdeskundige het voortreffelijke boek De waterweg langs Rotterdam naar zee, 1866-1916 (met A.B.Marinkelle; 1916).
Daarnaast schreef hij:
Cornelis de Groot (1898 - 1983)
(Rotterdam 19 feb. 1898 - Utrecht 15 sep. 1983), ingenieur. Hij was, na in 1923 te zijn afgestudeerd aan de TH in Delft, van 1925 tot 1931 in dienst van RWS bij de aanleg van havenwerken te Vlissingen en Breskens. Hij was van 1931 tot 1946 betrokken bij de aanleg van het Amsterdam-Rijnkanaal, tot 1950 hoofdingenieur in het arrondissement Leeuwarden en tot 1963 HID van RWS in de Directie Utrecht. Hij schreef o.m. De keersluis te Vlissingen (met W.H.Brinkhorst; 1929) en Het Amsterdam-Rijnkanaal (1952).
(Gantung NOI 1 mei 1883 - Amersfoort 9 juni 1971), ingenieur, industrieel adviseur. Werkte na in 1904 te zijn afgestudeerd aan de PS te Delft in zeer uiteenlopende tijdelijke betrekkingen o.m. in Perzië en NOI. Was mede-oprichter van ingenieursbureau Dwars, Groothoff en Verhey te Amersfoort, later als DHV bekend. Richtte zich op adviserende taken en bedreef economische en technische journalistiek. Schreef o.m. Historisch-technisch dijkonderzoek in Noordholland (1917).Zie ook: J.M.W.van Elzelingen.
Illustratiebron: http://resources.huygens.knaw.nl/retroboeken/persoonlijkheden blz 571
Paul de Gruyter (1896 - 1975)
(Londen 18 jan. 1896 - Oegstgeest 26 mei 1975), ingenieur. Studeerde, met specialisatie in irrigatie en ontwatering, in 1920 af aan de TH in Delft. Werkte daarna tot 1934 in het waterbeheer op Java, NOI. Was van 1935 tot 1958 als ingenieur in dienst van het Hoogheemraadschap van Rijnland. Naast een aantal tijdschriftartikelen schreef hij: Rijnlands boezem (3 dln., 1957). Was daarna voor de Verenigde Naties werkzaam, tot 1961 in Syrië en tot 1964 op Cyprus.
Tobias Gutberleth (1675 - 1703)
(Leeuwarden 1675 - Franeker 1703), jurist, bibliothecaris. Was bibliothecaris van de Hogeschool te Franeker, schrijver en uitgever. Schreef o.m. Nauwkeurige beschrijving der gedenkwaardigste watervloeden (1718). Gaf ook enige werken uit van S.A.Gabbema
Vult u onderstaande gegevens in om u in te schrijven voor onze nieuwsbrief.
Secretariaat
Stichting Blauwe Lijn
p.a. Nieuweweg 1
3251 AS Stellendam
info@stichtingblauwelijn.nl
www.stichtingblauwelijn.nl
© POWERED BY STUDIO SANDRA VOS